dsc1615 17904551012 o
boven
boven
boven

Nieuwsarchief

Wie stopt De Vries en Van Schellen?

Datum: 25 juni 2018  -  Categorie: Algemeen
Voorafgaand aan het MKE Makkum is er geen woord teveel gezegd. De vis smaakte evengoed als altijd...

Vrijbuitenweekend

Datum: 25 juni 2018  -  Categorie: Algemeen
Loosdrecht - 7 en 8 juli Starttijd ca. 10:00 uur ( GWV De Vrijbuiter, Oud Loosdrechtsed...

Vinkeveen

Datum: 21 mei 2018  -  Categorie: Algemeen
26 en 27 mei Starttijd 11:00 uur (Baambrugse Zuwe 143f, Vinkeveen)   Nog een klein weekj...

10 wedstrijden in één dag, het kan in de Spankerklasse!

Datum: 13 mei 2018  -  Categorie: Algemeen
Om 10:00 uur sloeg de kerkklok boven de slaapkamer van Jort Kelder één keer. Blijkb...

Eerste evenement achter de rug

Datum: 14 april 2018  -  Categorie: Algemeen
Het eerste weekend van het seizoen is alweer achter de rug. Voor iedereen waren het heerlijke oms...

klassevoorschriften

WATERSPORTVERBOND
Daltonlaan 400  3584 BK Utrecht  

NATIONALE SPANKER KLASSE

 
Inhoud:
 
1        BOUWVOORSCHRIFTEN
2        KLASSENVOORSCHRIFTEN
3        MEETRAPPORT
 
                                       
HOOFDAFMETINGEN          
Lengte over alles:  5.75 m
Grootste breedte: 1.89 m
Diepgang:    1.10 m
Oppervlak grootzeil  ca  9.7 m²
Oppervlak genua                          ca  6.2 m²
Oppervlak fok ca 4.2 m²
Oppervlak spinnaker ca 15.0 m²
Bemanning: 2 personen
Ontwerper: E.G. van der Stadt
Erkende klasse sinds: 1961
Nationale Autoriteit: Watersportverbond
Klassenorganisatie:  Spanker Klasse Organisatie
UITGAVE: Maart 2006
Vorige uitgave: Maart 2003
 
                  
                           
1 BOUWVOORSCHRIFTEN
1.1 STANDAARDTEKENINGEN
  blad 1 Lijnentekening, schaal 1:10 maart 1975
blad 2   Bouwtekening, schaal 1:10 maart 1978
blad 3 Tekening spiegel en spant 2, schaal 1:2 maart 1978
blad 4 Tekening spant 1 en 3, schaal 1:2 maart 1978
blad 5 Tekening spant 4 en 5, schaal 1:2 maart 1975
blad 6 Tekening roer en middenzwaard, schaal 1:5 maart 1978
blad 7   Tekening rondhout, schaal 1:20 en 1:2 maart 1975
blad 8 Vervallen  per maart 2006
blad 9  Zeiltekening, schaal 1:25 maart 1982
blad 10 Tekening houten roer, schaal 1:2,5 maart 1984
Bij de standaardtekeningen behoren een bouwhandleiding en een schema voor de indeling van het benodigde watervaste multiplex.
1.2 BESTEK
Kielbak Mahonie, 100 x 22 mm.
Buitenkiel Mahonie, 12 mm dik. De afrondingsstraal is vrij met een maximum straal van 12 mm.
Steven Mahonie, gelamineerd 60 x 40 mm.
Buitensteven Mahonie, gelamineerd 40 x 20 mm.
Spiegelraam Mahonie, 15 mm dik. Indien uitgevoerd als een plaat dan van 15 mm watervast verlijmd multiplex en voorzien van een gat ter controle van de dikte.
Spiegel Watervast verlijmd multiplex, 10 mm dik. In de spiegel mogen twee loosgaten worden gemaakt met elk een maximum diameter van 25 mm. Tevens mogen in de spiegel t.b.v. spiegelkleppen twee openingen worden gemaakt met een hoogte van maximum 80 mm. De verticale zijden van deze openingen moeten liggen tussen minimaal 60 mm en maximaal 260 mm uit het hart van de spiegel. De openingen mogen maximaal 23 mm in de spiegelwrang worden ingelaten.
Spiegelknie Eiken 28 mm dik, of mahonie watervast verlijmd multiplex minimaal 28 mm dik.
Spanten en           
wrangen   
Watervast verlijmd multiplex, 15 mm dik.Legplankjes mogen tussen de spanten worden aangebracht. Het is toegestaan schot-spant 1 en 4 aansluitend op de huid te maken. De openingen mogen in de schotten worden verkleind tot minimaal 156 mm rond en mogen afsluitbaar worden gemaakt.
Zaathout Watervast verlijmd multiplex, 15 mm dik.
Zwaardkast Wangen Watervast verlijmd multiplex, 10 mm dik. Het is toegestaan de sleuf in het het zwaardkastdeksel en kielbak te versmallen door het aanbrengen van strippen. De sleuf in de kielbalk moet over de gehele lengte een constante breedte hebben van maximaal 9 mm.
Kimwegers  Mahonie, 40 x 22 mm.
Buitenkimlatten Optioneel. Indien niet aanwezig dient de kim van spant 0 tot spant 5 een afrondingsstraal van maximaal 5 mm (Rmax = 5) te hebben. Indien de boot wel is voorzien van buitenkimlatten dient deze te voldoen aan de onderstaande omschrijving.
Halfrond 24 x 12 mm, vanaf spant 4 verjongen tot niets uitlopend op 500 mm voor spant 4. Het is toegestaan de buitenkimlatten aan te brengen overeenkomstig tekening 6.
 Balkwegers Mahonie, 40 x 22 mm.
Langslatten  Mahonie, 25 x 14 mm, een lat in de zij midden tussen kim- en balkweger en doorlopend van spiegel tot steven, drie latten op het vlak zowel aan stuur- als aan bakboordzijde, over gelijke en kimweger en doorlopend van spiegel tot nabij steven.
Huid  Watervast verlijmd multiplex, 7 mm dik. 
Dekbalken  Mahonie, 25 x 14 mm.
Middendeklat  Mahonie, in het achterschip 40 x 16 mm, tussen spant 4 en 5 twee stuks 60 x 16 mm, 
voor spant 5 enkel 60 x 16 mm.
Kuipwegers Mahonie, 40 x 16 mm.
Dek Watervast verlijmd multiplex, 7 mm dik.
Schuurlijsten Mahonie, halfrond 30 x 15 mm. Het is toegestaan om op of in de schuurlijsten voorzieningen aan te brengen om uitglijden van de bemanning te voorkomen. Tevens is het toegestaan de schuurlijsten te verbreden t.p.v. het want tot 2000 mm achter het want met 25 mm buiten de voorgeschreven schuurlijstbreedte.
Het verbrede gedeelte moet over een afstand van max. 300 mm strokend in de schuurlijst verlopen..
Kuiprand  Mahonie, 47 x 6 mm. Het is toegestaan voor het afsluiten van de naad tussen kuiprand en dek afdeklatten aan te brengen, mahonie 20 x 10 mm. Tevens is het toegestaan de kuiprand geheel of gedeeltelijk te verbreden tot 60 mm.
Waterkering  Mahonie, 14 mm dik. Hoogte boven dek aan de voorkant 80 mm, verticaal gemeten.
Zwaardkastdeksel
           De vorm van het zwaardkastdeksel is vrij. De lengte is maximaal 1650 mm, de dikte is maximaal 25 mm. Het zwaardkastdeksel mag aan de achterzijde plaatselijk verbreed worden tot maximaal 450 mm. Een verbinding van het zwaardkastdeksel met spant 4 is toegestaan
.
Zwaardkaststeunen De vorm van de verticale steun tussen spant 3 en de zwaardkast is vrij. De breedte van de steun aan de bovenzijde mag niet breder zijn dan de zwaardkastdeksel. De maximale breedte van de steun aan de bovenzijde van de wrang mag maximaal 245 mm zijn, gemeten vanaf de buitenzijde van zwaardkastwrang.
Mastkoker  Mahonie, 80 x 22 mm.
Vloeren  Watervast verlijmd multiplex, minimaal 7 mm dik, verstijfd d.m.v. langslatten en opstaande lijsten van mahonie, resp. 25 x 14 mm en 30 x 16 mm.
Hoosluikje Het is toegestaan om in de vloeren hoosluikjes aan te brengen.

In plaats van de in dit reglement of in de tekening genoemde houtsoorten, mogen andere houtsoorten worden gebruikt, mits deze overeenkomstige, voor het doel geëigende eigenschappen bezitten en schriftelijk toestemming is verkregen van het Watersportverbond.
 
De daarvoor in aanmerking komende onderdelen mogen i.p.v. massief, uit lagen worden opgebouwd (gelamineerd).
 
Het gebruik van epoxy harsen zonder enige toevoeging van versterkingsmiddelen en/of bewapening is toegestaan als afwerklaag van houten rompen en rondhouten.

 

2. KLASSENVOORSCHRIFTEN NATIONALE SPANKER KLASSE  

Deze voorschriften moeten worden gelezen in samenhang met:
-        De Regels voor Wedstrijdzeilen.
-        De Reglementen voor Meetbrieven, Certificaten en Licenties.
-        Het reglement voor het meten van zeilen van jachten der nationale eenheidsklassen.
-        De standaardtekeningen.
-        Het meetrapport.

 

2.1  BEMANNING
Gedurende de wedstrijd moet de bemanning uit twee personen bestaan.
2.2 EENHEID
2.2.1 Het doel van deze voorschriften is het bereiken van een zo groot mogelijke gelijkheid tussen de jachten onderling.
2.2.2  Wat niet expliciet is toegestaan in deze voorschriften is verboden.
2.3 MASSA
2.3.1 Het gewicht van de kale romp in droge toestand mag niet minder zijn dan 165 kg.
2.3.2  Onder de kale romp wordt verstaan de romp met inbegrip van het dek, de beschermende verf en/of laklaag, maar zonder alle losse inventaris, de zeilen, het rondhout, het roer, het zwaard, het losneembaar beslag, alle touwwerk, het staand en lopend wand en de vloeren.
2.3.3   Onder "droge toestand" wordt verstaan voor een nieuwe romp: voor deze ooit met water in aanraking is geweest en voor een niet nieuwe romp: droog naar het oordeel van de meter.
2.3.4 Indien het gewicht van de kale romp minder is dan 165 kg moet het verschil, hetwelk hoogstens 15 kg mag zijn, worden aangevuld door compensatieballast. De compensatieballast moet uit twee gelijke massieve rechthoekige stukken lood bestaan, die na keuring en waarmerking door de meter, nagelvast moeten worden aangebracht met hun grootste oppervlakte tegen de onderkant van het dek, tegen de balkweger ter hoogte van spant 3. Het ene stuk aan bakboord en het andere stuk aan stuurboord.
2.4 ZWAARD, ROER EN HELMSTOK
2.4.1 Middenzwaard:
Staal, dikte minimum 7 mm en maximum 8 mm, oppervlakte behandeling vrij. Vorm en afmetingen volgens tekening. Het is toegestaan het zwaard af te schuinen, aan de voorkant met een sneebreedte van max. 15 mm en aan de achter- en onderkant met een sneebreedte van max. 30 mm.
Het hart van de zwaardbout in de zwaardkast moet liggen op 543 mm achter spant 4 en 46 mm boven de bovenkant kielbalk. Zwaardbout minimum 12 mm. De zwaardkastwangen mogen ter plaatse van de zwaardbout worden versterkt aan de buitenzijde met een dubbeling max. 15 mm dik, aan de binnenzijde met een plaatje max. 4 mm dik.
2.4.2 Roer
a.
Roerblad materiaal: hout dikte 30 mm ± 1 mm.
Houtsoort vrij.
Het roerblad mag zowel vast als ophaalbaar worden uitgevoerd.
In zijaanzicht moet de vorm van het onderwatergedeelte overeenkomen met tekening 10. Tolerantie plus of min. 5 mm. De bovenzijde ter plaatse van de helmstok moet tenminste 150 mm lang zijn.
De vorm van de doorsneden is vrij, echter moet de voorgeschreven dikte over tenminste 600 mm van het blad, gemeten vanaf bovenkant onderwatergedeelte, gehandhaafd blijven. De afwerking van het blad mag bestaan uit een gewapende beschermende laag.
 
Het roer moet in het verlengde van de onderkant van buitenkielbalk de voorkant van het roerblad snijden op een punt gelegen op 700 ± 5 mm boven onderkant roerblad en 35 mm ± 15 mm achter achterkant spiegel, gemeten loodrecht op het vlak van de spiegel.
b. Tevens is het toegestaan om met een roer te varen waarbij het roerblad van hard aluminium is vervaardigd. Hierbij dienen alle afmetingen en beschrijvingen van tekening 6 in acht worden genomen.
2.4.3 Helmstok + helmstokverlenger
Materiaal, lengte en constructie vrij.
2.4.4  Gewicht van de totale roerconstructie, te weten helmstok, verlengstuk, roerhuis en blad, inclusief bijbehorend beslag en trimlijnen mag niet minder dan 5 kg bedragen.
2.5 RONDHOUT
2.5.1 Mast:
Aluminium, vuren of spruce.
Indien vervaardigd van vuren of spruce geldt: mast: hol, afmetingen en constructie volgens tekening. Indien van aluminium vervaardigd geldt: de doorsnede van het mastprofiel, incl. een eventueel uitwendig aangebrachte zeilgroef, mag niet groter zijn dan 80 mm en niet kleiner dan 55 mm. De mast moet vanaf de mastvoet tot een punt, gelegen op 4800 mm boven de onderkant van band 1, een constante doorsnede hebben. Boven het punt op 4800 mm boven de onderkant van band 1, is het toegestaan om de mast te verjongen.
Het is toegestaan om de zeilgroef aan de onderkant van de mast weg te nemen. Het gewicht van de mast moet minimaal 11 kg. zijn. Het zwaartepunt van de mast mag niet lager liggen dan 2500 mm boven de onderkant van band 1. Deze beide metingen moeten worden verricht met het staand want (zonder wantspanners) en de vallen gestrekt langs de mast vastgebonden, terwijl indien er een diamantverstaging wordt toegepast, deze moet zijn aangebracht, evenals het vaste mastbeslag. Deze meting dient exclusief trapeze inrichting te worden verricht. Blijvend gebogen masten en draaibare masten zijn verboden. De mast dient met de voet op het zaathout te rusten, eventueel met tussenvoeging van een vulstuk met een dikte van max. 46 mm.
Zaling: vorm, materiaal en lengte zijn vrij. Het hart van de zalingen moet op ten minste 2500 mm boven de onderkant van band 1 zijn aangebracht.
2.5.2 Mastkoker:
De plaats van de mastkoker volgens tekening. Mastgat: afstand achterkant spiegel tot voorkant mastgat max. 3694 mm
2.5.3  Giek:
Materiaal hout of aluminium. De lengte van de giek incl. beslag, gemeten uit de achterkant van de mast tot het uiteinde van de giek is 3100 mm maximum. Indien de giek langer is dan 2800 mm, moet een meetband worden aangebracht, waarvan de voorkant ligt op 2800 mm uit de achterkant van de mast. De doorsnede van het giekprofiel, incl. een eventueel uitwendig aangebrachte zeilgroef, mag niet groter zijn dan 100 mm in hoogte en niet kleiner dan 35 mm in breedte.
De doorsnede van de giek van achterkant mast tot 400 mm voor de voorzijde van de meetband moet constant zijn, behoudens aan de voorzijde om het zeil te kunnen invoeren en voor zover noodzakelijk om de giek in alle richtingen voldoende te kunnen laten draaien. De giek moet in onbelaste toestand recht zijn.
2.5.4  Spinnakerboom:
Materiaalkeuze, doorsnede en constructie zijn vrij.
Het uiterste punt van de spinakerboom, gemeten langs de spinakerboom in gezette toestand, mag bij geen enkele stand van de boom verder liggen dan 2140 mm. van de mast.
2.5.5 Meetbanden:
Meetbanden met een breedte van 10 mm dienen in een duidelijk van het rondhout te onderscheiden kleur op permanente wijze rondom te worden aangebracht.
Meetbanden: op de mast dienen vier meetbanden te zijn aangebracht.
-        Band 1, waarvan de onderkant t.p.v. de achterkant van de mast gelijk ligt met de bovenkant van het dek.
-        Band 2, waarvan de bovenkant ligt op min. 600 mm boven onderkant band 1.
-        Band 3, waarvan de onderkant ligt op max. 5200 mm boven de onderkant van band 1.
-        Band 4, waarvan de onderkant ligt op max. 6600 mm boven onderkant band 1.
2.6 ZEILEN (zie ook het nationale zeilmeetreglement)
2.6.1  Grootzeil:
Lengte achterlijk 6460 mm, breedte op halve hoogte 1760 mm, breedte op driekwart hoogte 1040 mm. Gedurende de wedstrijd mag het bovenste punt van het zeil niet boven de onderkant van band 4 en de bovenkant van de giek niet onder de bovenkant van band 2 uitkomen. Het onderlijk mag niet achter de voorkant van de meetband op de giek uitkomen.
Zeillatzakken: 3 stuks. De lengte van de bovenste latzak is 500 mm. De lengte van de middelste en onderste latzak 750 mm.
Het topplankje mag niet breder zijn dan 120 mm, gemeten tussen 2 lijnen evenwijdig aan het voorlijk, waarvan de een de voorkant en de ander de achter kant van het topplankje raakt.
Zeilteken en zeilnummer: het zeilteken bestaat uit een cirkel met een straal van 200 mm, waaruit aan de onderzijde een segment is gesneden met een straal van 150 mm. De afmetingen van de cijfers zijn: hoogte 300 mm, breedte 200 mm, stamdikte 50 mm, onderlinge afstand 60 mm.
Zeiltekens en zeilnummers moeten zich bevinden boven een denkbeeldige lijn loodrecht op het voorlijk ter hoogte van een derde van de afstand tussen halshoek en tophoek, gemeten vanuit de halshoek, moeten duidelijk zichtbaar zijn en moeten op verschillende hoogten aan weerszijden van het zeil worden aangebracht, die aan stuurboord het hoogst. De kleur van het zeilteken is rood op lichtgekleurde en wit op donkergekleurde zeilen. Het zeilnummer moet in kleur scherp afsteken met het zeil.  Reefinrichting: het is toegestaan om in het grootzeil een reefinrichting aan te brengen. De constructie is vrij.
2.6.2  Genua:
Lengte voorlijk 5250 mm, lengte achterlijk 4900 mm, lengte onderlijk 2520 mm, lengte zwaartelijn 5150 mm.
2.6.3 Fok:
Lengte voorlijk 4750 mm, lengte achterlijk 4150 mm, lengte onderlijk 2020 mm.
2.6.4  Spinnaker:
Lengte voor- en achterlijk 5160 mm, ½ onderlijklengte 1520 mm, 1/2 breedte op halve hoogte 1760 mm, ½ breedte op 3/4 hoogte 1360 mm, lengte middenlijn 5650 mm. In de spinnaker moet aan weerszijden alleen het zeilnummer zijn geplaatst en wel op ongeveer halve hoogte. Het zeilnummer moet in kleur scherp afsteken met het zeil
2.7  STAAND WANT, LOPEND WANT EN SCHOOTVOERING
2.7.1 Staand want:
Het staand want moet bestaan uit een stel wanten en een voorstag. met een minimum diameter van 3 millimeter, materiaal vrij.  Het snijpunt van het voorstag of het verlengde daarvan met het dek moet liggen voor het snijpunt van het voorlijk van de fok of het verlengde daarvan met het dek.
Het aangrijpingspunt van het voorstag op de mast dient zich tussen 5150mm en 5400 mm boven onderkant van band 1 te bevinden. Het voorstag mag door het dek worden gevoerd.
Het snijpunt van de wanten of de verlengden daarvan met het dek moet liggen op 450 mm achter spant 4 en mag niet verder binnen de buitenkant van de huid liggen dan 70 mm.
Het aangrijpingspunt van de wanten aan de mast dient zich tussen 5150 en 5250 mm ten opzichte van de onderzijde van band 1 te bevinden De wanten mogen door het dek worden gevoerd.
Diamantverstaging: het aanbrengen van een diamantverstaging is toegestaan. De inrichting van de diamantverstaging en de diameter  zijn vrij, met dienverstande dat: de lengten der diamantzalingen min. 180 mm moeten zijn; het bovenste aangrijpingspunt van de verstaging op  maximaal 5250 mm boven de onderzijde van band 1 mag komen te zitten; het onderste aangrijpingspunt van de verstaging niet hoger dan 250 mm boven bovenkant dek mag liggen.
2.7.2  Lopend want en schootvoering:
De inrichting en het materiaal van het lopend want en de schootvoering zijn vrij met dien verstande dat:
-        Het snijpunt van het voorlijk van de fok of het verlengde daarvan met het dek moet liggen op 5450 mm uit bovenachterkant spiegel op hart schip, ongeacht een eventueel aangebrachte rolfokinrichting.
-        Het voorlijk van de fok of het verlengde daarvan de voorkant van de mast moet snijden onder de onderkant van band no. 3, ongeacht de stand van de mast.
-        Het punt waar de spinnakerval draagt in het oog of blok aan de mast mag zich niet hoger bevinden dan 5805 mm, gemeten uit onderkant band 1 langs voorkant mast en mag zich niet verder dan 75 mm van de voorkant van de mast bevinden.
2.8 BESLAG
Elk beslag is toegestaan.
2.9 VERPLICHTE INVENTARIS
Gedurende de wedstrijd moeten aan boord zijn:
-   Een doelmatige peddel
-   Een zwemvest voor elke opvarende,
-   Een hoosvat met een minimale inhoud van 7 liter
-   Indien het voor- en achtercompartiment semi waterdicht is afgesloten, dan mag het hoosvat niet in deze compartimenten worden opgeslagen.
-   Een anker al dan niet met voorloop van tenminste 5 kg, waarbij het anker minimaal 4   kg dient te wegen.
-   Een ankertros met een diameter van minstens 6 mm en een lengte van minstens 15 m. De ankertros dient permanent aan het anker verbonden te zijn.
-   Het anker dient binnen 2 minuten uitgelopen kunnen worden.
De vloeren moeten deugdelijk zijn aangebracht, zodat zij na kentering van het schip op hun plaats blijven liggen.
Drijflichamen met een drijfvermogen van minstens 400 liter moeten tijdens de wedstrijd op deugdelijke wijze in de boot zijn bevestigd, zodanig dat deze in volgelopen toestand gelijklastig blijft drijven. Tenminste 100 liter van het drijfvermogen dient zich tussen de spant 1 en spant 4 te bevinden. Indien een boot duidelijk kan aantonen dat zij een deugdelijke en permanente semi-waterdichte afsluiting heeft aangebracht in zowel spant1 als spant 4, welke na kentering op zijn plaats blijft zitten, is het minimale drijfvermogen vastgesteld op 300 liter. In dit geval is men tevens ontheven om verplicht een deel van de drijflichamen aan te brengen tussen spant 1 en spant 4
2.10 BIJZONDERE BEPALINGEN
2.10.1  Het gebruik van hangbanden en één trapeze voor de bemanning is toegestaan.
2.10.2 Het gebruik van zelflozers is toegestaan
2.10.3  Het gebruik van een grootschoot overloop is toegestaan.
2.10.4 Er mag slechts een mast per wedstrijdserie worden gebruikt, behoudens in geval van aangetoonde schade.
2.10.5 Spinnakershute's zijn verboden.
2.10.6 Het gebruik van een maststrut is toegestaan mits deze niet hoger op de mast aangrijpt dan band 2 en geen zijdelingse steun aan de mast geeft.
2.10.7 Gebruik van een rolfok-installatie is toegestaan.

    

 

3 MEETRAPPORT
  WATERSPORTVERBOND Maart 2006
Meetformulier Spankerklasse. Meetformulier Spankerklasse.
Naam eigenaar                                                  
Volledig adres                                                 
Watersportvereniging                                                 
Naam jacht                                                       
Zeilnummer                                                  
Bouwer en bouwjaar                                                  
Algemene constateringen.
Ja/­nee
a    Zijn de juiste houtsoorten gebruikt Ja/­nee
b Is de laatste uitgave van de tekeningen gebruikt Ja/­nee
c Is een bouwersverklaring afgegeven  Ja/­nee
d Is een renovatieverklaring afgegeven door eigenaar   Ja/­nee
e Staat CB‑stempel in de boot  Ja/­nee
f Is het jacht goedgekeurd en de meetsticker afgegeven Ja/­nee
g Is er een "Eigen verklaring" afgegeven Ja/­nee
h Plaats van de meetsticker Ja/­nee
i Opmerkingen
 
 
MEETRAPPORT..
No.    KV. Omschrijving  MIN. MAX.
 
1 A.k. spiegel tot voorkant achterdek (incl. kuiprand)  890 910
2 A.k. spiegel tot achterkant voordek (incl. kuiprand)  3548 3568
3 A.k. spiegel tot voorkant mastgat in dek   - 3694
4 A.k. spiegel tot snijpunt voorlijk-dek  5440 5460
5 Lengte over alles 5739 5769
6 Waterkering boven dek  70 90
7 Spiegelhoogte op hart schip zonder buitenkiel 472 492
8 Loosgaten in spiegel:
2 stuks met diameter   25
2 stuks welke zich bevinden uit hart schip tussen 60 260
hoogte 80
ingelaten in de spiegelwrang 23
9 Boven-achterkant zwaardkast uit spant 2 370 390
10 Voorkant zwaardkast uit spant 4 105 125
11 Zwaardbout achter spant 4 538 548
12 Zwaardbout uit bovenkant binnenkiel 41 51
13 Breedte zwaardkastsleuf aan bovenkant (constant) 15
14 Breedte zwaardkastsleuf aan onderkant (constant) 9
Sleuf mag versmald worden door strippen
15 Hart mastbout onder bovenkant dek 200
Breedtematen op buitenkant huid:
16 Breedte t.p.v. de spiegel 1191 1217
17 Breedte t.p.v. spant 1 (680)  1497  1523
18 Breedte t.p.v. spant 2 (960) 1801 1827
19 Breedte t.p.v. spant 3 (960) 1877 1903
20 Breedte t.p.v. spant 4 (960) 1673 1699
21 Breedte t.p.v. spant 5 (1000) 1121 1147
Holtematen:
22 Basislijn t.p.v. spiegel boven bovenkant dek 221
23 Basislijn t.p.v. spant 1 tot bovenkant dek  200 220
24 Basislijn t.p.v. spant 2 tot kielbalk 794 820
25 Basislijn t.p.v. spant 3 tot zwaardkastdeksel  410 430
26 Basislijn t.p.v. spant 3 tot kielbalk 833  859
27 Basislijn t.p.v. spant 4 tot kielbalk 827 853
28 Basislijn t.p.v. voorsteven boven bovenkant dek 0
Gangboordbreedten:
29 Gangboordbreedte t.p.v. spant 2 (excl. kuiprand)   274 294
30 Gangboordbreedte t.p.v. spant 3 (excl. kuiprand) 299  319
31 Schotten spant 1 en 4 mogen aansluitend op de huid worden gemaakt.
Openingen hierin
150
32 Hart wantputting of -doorvoer achter spant 4 440 460
33 Hart wantputting of -doorvoer uit buitenkant huid 70
Mallen:
34 Mal spant 1   0 20
35 Mal spant 3  0 20
36 Mal spant 5 0 20
37 Mal steven -5 +5
Mast:(Hout of aluminium)
38 Band 1, onderkant gelijk met bovenkant dek.
Hierbij dient de mast zich in maximaal rechtopstaande positie te bevinden.
39 Band 2, bovenkant boven onderkant band 1 600
40 Band 3, bovenkant boven onderkant band 1   5200
41 Band 4, bovenkant boven onderkant band 1  6600
42 Zalingen, lengte vrij, boven onderkant band 1 2500
43 Diamantzalingen:Lengte    180
Diamantverstaging
Bovenste aangrijpingspunt boven onderzijde band 1 5250
Onderste aangrijpingspunt boven dek 250
44 Spinnaker val:
Draagpunt vanaf onderkant band 1 5805
45 Doorsnede mast  55  80
46 Plaats van verjongen boven onderkant band 1 4800
47 Zwaartepunt mast boven onderkant band 1 2500
48 Diameter wanten en voorstag 3
49 Snijpunt voorstag-mast, t.o.v. van onderszijde band 1 5150 5400
50 Aangrijpingspunt want t.o.v. onderszijde band 1 5150 5250
Giek:(Hout of aluminium)
51 Lengte incl. beslag vanaf achterkant mast 3100
52 Breedte giek   35
53 Hoogte giek  100
54 Zwarte band uit achterkant mast 2800
55 Giek recht, doorsnede constant tot mm voor voorzijde meetband 400
Spinnakerboom
56 Totale lengte inclusief beslag, in gezette toestant 2140
Roer
57 Vorm volgens mal/tekening -5  +5
58 Dikte 29 31
59 Diepte onderkant roer buitenkielbalk 700mm -5  +5
Middenzwaard (staal)
60 Vorm volgens mal -5  +5
61
62  
63
64 Dikte 7 8
65 Afschuining voorkant 15
66 Afschuining achterkant 30
Gewicht:
67 Gewicht romp, incl. vast beslag 165 kg
68 Correctieballast   15 kg
69 Mast (excl. eventueel aangebrachte trapeze uitrusting) 11 kg
Beslag :  Beslag is vrij.
Schuurlijsten: Halfrond 30 x 15. Het is toegestaan de schuurlijsten te verbreden met 25 mm vanaf het want tot 2000 achter het want.
Verbreding moet binnen 300 mm van begrenzingen strokend versmald zijn tot 15
Drijfvermogen:  Totaal min. 400 liter niet in de vorm van kasten. Zodanig verdeeld dat het schip gelijklastig blijft drijven bij vollopen, tenminste 100 liter tussen spant 1 en spant 4.
Indien een er een deugdelijke en permanente (semi)waterdichte afsluiting is aangebracht in zowel spant1 als spant 4, welke na kentering op zijn plaats blijft zitten, is het minimale drijfvermogen vastgesteld op 300 liter, waarbij er zich niet noodzakelijkerwijs 100 liter drijfvermogen aanwezig hoeft te bevinden tussen spant 1 en spant 4.
 
 
Ik verklaar dit jacht te hebben gewogen en gemeten en dat de door mij ingevulde maten op het
meetformulier overeenkomen met de waarnemingen.
 
Naam meter                   :                                                                                                        
Handtekening meter    :                                                                                                        
Datum                              :                                                                                                        
Opmerkingen                 :                                                                                                        
2018 Activiteit
31 maart
zaterdag
11:00 Paashaas wedstrijden Reeuwijk
Reeuwijk
14 april
zaterdag
11:00 Voorjaarswedstrijden Heeg
Heeg
13 mei
zondag
10:00 Durgerdam
Durgerdam
26 mei
zaterdag
11:00 Vinkeveen
Vinkeveen
16 juni
zaterdag
11:00 Makkum
Makkum
7 juli
zaterdag
10:00 Vrijbuiterweekend / Loosdrecht
Loosdrecht
21 juli
zaterdag
11:00 Braakmancup
Hoek
4 augustus
zaterdag
11:00 Sneekweek
Sneek
31 augustus
vrijdag
11:00 ONK Westeinder
Aalsmeer
22 september
zaterdag
11:00 Najaarswedstrijden Sneek
Sneek
13 oktober
zaterdag
11:00 Spiegelplas
Nederhorst den Bergh